De waterpolitie garandeert u kwaliteitsvol drinkwater!

De waterpolitie ziet er op toe dat de regelgeving met betrekking tot water wordt toegepast, en met name alles vanaf artikel L 210-1 van de milieuwet over vervuiling, hetzij van rivieren, meren, de zee, maar ook van het grondwater en in het bijzonder van het water bestemd voor menselijke consumptie.

De missies van de waterpolitie

De waterpolitie legt in wezen verantwoording af aan de diensten van de staat. Op lokaal niveau wordt dit uitgevoerd door de prefect. Hij werkt op vier soorten missies:

  • werken aan waterlopen,
  • het nemen van waterstalen,
  • sanering,
  • drinkwater

Alle projecten die waterstalen vergen, wijzigingen aan het regiem of lozingen in het milieu vereisen toestemming en/of aangifte bij de waterpolitie. De operaties en interventiedrempels worden beschreven door decreten 93-762 en 93-743 van 29 maart 1993.

In geval van niet-naleving van regelgeving, beschikt de waterpolitie over een arsenaal aan administratieve en/of strafrechtelijke sancties.

De organisatie van de waterpolitie

In het kader van de de SAGE* en SDAGE** wordt de regelgeving voorzien door departementale en gemeentelijke besluiten.

  • SAGE: Schéma d’Aménagement et de Gestion des Eaux (plan voor waterbeheer) voor een hydrografisch bepaalde perimeter
  • SDAGE: Schéma directeur d’Aménagement et de Gestion des Eaux (masterplan voor waterbeheer) voor een hydrografisch bekken

Dit klinkt misschien eenvoudig in theorie, maar in de praktijk kan de prefect hierin verschillende overheidsdiensten betrekken:

  • De waterpolitie van de bevaarbare domaniale waterlopen is toevertrouwd aan de navigatiediensten (SN), een tak van het ministerie van Uitrusting, Huisvesting en Transport
  • De waterpolitie van de onbevaarbare domaniale waterlopen is toevertrouwd aan de departementale directies (DDE),
  • De waterpolitie van niet-domaniale waterlopen is toevertrouwd aan de departementale directies voor land- en bosbouw (DDAF)
  • De kustwateren staan onder toezicht van kustwaterkwaliteitscellen -CQEL- en zijn afhankelijk van de maritieme diensten van hetzelfde ministerie.
  • De faciliteiten en waterzuiveringsinstallaties vallen onder de verantwoordelijkheid van de DDE, maar de controle op slib ligt bij de DDAF
  • De departementale directies van volksgezondheid en sociale zaken -DDASS- controleren de kwaliteit van het ruwe water dat bestemd is voor drinkwater en de kwaliteit van het gedistribueerde water.

Aan deze lijst kunnen worden toegevoegd:

De DSV (Veterinaire Directoraat) is ook afhankelijk van het ministerie van Landbouw, die verantwoordelijk is voor het toezicht op dierlijke mest,

De DRIRE (Regionale Directie voor Industrie, Onderzoek en Milieu) voor het toezicht op lozingen van erkende installaties voor de bescherming van het milieu, evenals departementale brigades van de Hoge Visraad, die toezicht houdt op de visserij in de waterlopen

Het ONEMA, het Franse technische organisatie voor de kennis en toezicht op de staat van het water en het ecologisch functioneren van watermilieus

De DREAL (Gewestelijke Directie van Milieu, Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting), die de waterpolitie coördineert op regionaal niveau. De DREAL met de DDCSPP (Departementale Directie voor Sociale Cohesie en de Bescherming van de Bevolking) en DDT (fusie van DDA en DDE) zijn ook verantwoordelijk voor de inspecties van de erkende installaties voor de bescherming van het milieu (ICPE) om na te gaan dat de regelgeving wordt nageleefd door de instellingen.

Onder het gezag van de prefecten zijn de volgende diensten doorgaans verantwoordelijk voor de coördinatie:

  • Op departementaal niveau: MISE (interministeriële missies voor waterdiensten)
  • Op regionaal niveau: DIREN (regionale directies voor het milieu)

In het geval van herhaaldelijke inbreuken kunnen de algemene politiediensten (politie, gendarmerie) ingrijpen en gerechtelijke stappen ondernemen.